Een afvaardiging van het zes koppig "meetnet vleermuizen transecttelling team" uit Steenwijk reisde vandaag af naar Nijmegen om bij de Zoogdierenvereniging nadere instructies te krijgen.
In Steenwijkerland en nabij Meppel zijn een aantal blanco plekken op de kaart voor wat betreft de vleermuizen waarnemingen. Landelijke meetnetten 'wintertellingen' en 'zoldertellingen' leveren niet voldoende gegevens op over de rosse vleermuis, ruige dwergvleermuis, gewone dwergvleermuis en laatvlieger. In opdracht van het ministerie van EZ is een nieuw zomermeetnet voor juist deze soorten opgezet; het meetnet vleermuizen transectteling (NEM-VTT). Team Steenwijk gaat proberen middels zo'n transecttelling deze soorten in beeld te brengen. Het team heeft vandaag drie routes uitgestippeld van circa 30 km, dit zijn de transecten. Tussen 15 juli en 1 september moet het team iedere route twee keer gereden hebben. Te beginnen ongeveer een kwartier na zonsondergang. De Vleermuizen worden op deze transecten automatisch vastgelegd met een 'batlogger', deze registreert de geluiden. De 'batlogger' wordt bevestigd aan het autoraam middels een speciaal statief.
Na het rijden zullen de teamleden de verzamelde geluidsdata uitlezen en de vleermuizen determineren naar soort en aantallen.
Vervolgens worden deze gegevens geüpload naar de Zoogdierenvereniging waar alle data wordt verzameld.
In totaal zijn er negentien teams in Nederland actief met deze vleermuizen transecttellingen. Vandaag waren er vijf nieuwe teams op de instructiedag afgekomen; Steenwijk, Zoeterwoude-Rotterdam, Zwolle, Den Bosch-Tilburg en Harderwijk.
Ieder team heeft een 'bat detector' gekregen en kan, nadat zij de uitgestippelde routes hebben proefgereden, in juli van start om vleermuizen te gaan detecteren.
Deze krant zal u op de hoogte houden van de verrichtingen van team Steenwijk en de uitkomst van de resultaten van de gereden routes.
Op de hoogte blijven van het laatste nieuws uit Steenwijkerland: