Grootste plasdras van De Wieden in gebruik

Foto: Erik Driessen

Natuurmonumenten realiseerde dit broedseizoen in weidevogelreservaat Giethoorn-Wanneperveen het grootste plasdrasgebied van De Wieden. Melkveehouder en pachter Karel Bakker beheert de percelen van deze zeventien hectare grootte plasdras. Beide partijen werken nauw samen en wisselen kennis en ervaringen uit. “We zoeken naar de juiste balans tussen een goede bedrijfsvoering én succesvol weidevogelbeheer”, zegt Bakker.

Hij wandelt samen met Gidion Kok van Natuurmonumenten door een stuk land van 25 hectare dat hij sinds vorig jaar pacht. Dat grenst aan twintig hectare die hij ook voor Natuurmonumenten beheert. Zijn melkveebedrijf ligt enkele honderden meters verderop. “Als biologisch bedrijf hebben we baat bij veel ruwvoer voor ons vee. Dit weidevogelgrasland past daarom erg goed in onze bedrijfsvoering”, vertelt Bakker.

De samenwerking tussen Natuurmonumenten en agrariërs leidt in het gebied tussen Giethoorn en Wanneperveen al jarenlang tot succes. Het geldt als een van de beste weidevogellocaties van Overijssel. Bijna alle soorten weidevogels komen hier voor. “Juist de samenwerking is cruciaal. Weidevogelbeheer is geen eenrichtingsverkeer. Wij gebruiken elkaars expertise en zoeken naar een manier van werken waarvan we allemaal profiteren. Het sluit naadloos aan bij ons programma ‘van Pachter naar Partner’ waarbij we op basis van gelijkwaardigheid samenwerken. Uitgangspunt is dat natuur er beter van wordt en boeren tegelijkertijd een goede boterham verdienen”, zegt Kok.

Dat betekent dat Natuurmonumenten sinds enkele jaren flexibeler omgaat met voorwaarden uit het pachtcontract. Bakker merkt dat bij zijn bedrijfsvoering. “De regel is dat we pas in juni mogen maaien. Vroeger was dat een wet waarvan je niet kon afwijken. Als nu blijkt dat in een gebied geen vogels meer broeden en kuikens op het land zitten, mogen we eerder aan de slag. We stemmen samen af en kijken per perceel naar de beste oplossing. Op deze manier kunnen we veel beter onze expertise en ervaringen inbrengen.”

Hij wijst naar een aantal koeien die in de verte een stuk land begrazen. Weidevogels profiteren van de afwisseling als het vee straks het land  betreedt dat nu plasdras staat. “Kuikens hebben juist baat bij een mozaïek van hoger en lager kruidenrijk gras voor het vinden van voedsel. Daarom wordt een deel straks niet gemaaid. Ook dat is een kwestie van praktijkervaring’’, zegt ook Kok.  

“Dit is nou plasdras…”, laat hij even verderop zien bij de nieuwe inlaat. Water uit de hoogwaterzone komt daar het gebied in. Dat zorgt voor volle sloten en drassige weilanden. Precies waar weidevogels gek op zijn. Bovendien past het bij de werkwijze van Bakker. “Wij gebruiken geen kunstmest en hebben belang bij het ruwvoer van kruidenrijke weilanden. Biologische boeren kijken niet zozeer naar wat het gewas, maar de grond aan voeding nodig heeft. Dat zorgt uiteindelijk voor een gezonde bodem: de basis van ons bestaan. Een gezonde bodem is goed voor mens, dieren én weidevogels.”

Natuurmonumenten heeft meerdere plasdras-gebieden in De Wieden. In goed overleg met de peilbeheerders van het Waterschap wordt het waterpeil in deze gebieden vanaf maart verhoogd. Dat is de periode waarin agrariërs hun land niet gebruiken en het begin van het broedseizoen. Aan het einde van het voorjaar gaat het peil weer naar beneden. Dan maaien de pachters het land en is er weer ruimte voor het vee.

Reacties